Hoe kan een pleegzorgorganisatie zich positioneren?
14 januari 2014 | 1 min lezen
De jeugdzorg is aan dynamiek onderhevig. Algemene ontevredenheid over de effectiviteit van jeugdzorg is voor het kabinet aanleiding geweest tot vergaande maatregelen. In het regeerakkoord wordt een stelselwijziging aangekondigd. Gemeenten worden financieel en uitvoeringstechnisch verantwoordelijk voor de jeugdzorg. De William Schrikker Pleegzorg (WSP) is een landelijk werkende jeugdzorgaanbieder voor pleegzorg aan kinderen met een beperking die gedwongen uit huis zijn geplaatst. Landelijk werkende pleegzorgaanbieders hebben een bijzondere positie. Zij zijn gegarandeerd van een productieafname en financiering. Met de komst van het nieuwe stelsel in 2014 vervallen deze privileges. Het is onduidelijk hoe de WSP zich moet positioneren in het nieuwe stelsel.
Beeld: © Nationale Beeldbank
Geconcludeerd is dat de WSP nu een positie inneemt die tegen het licht van de nieuwe ontwikkelingen om een herziening vraagt. Twee strategische opties worden gepresenteerd. De defensieve optie gaat uit van het afstoten van de WSP of het in onderaannemerschap werken bij regionale pleegzorgaanbieders. De offensieve strategie gaat uit van een radicale koerswijziging. De WSP richt zich dan op een doelgroep kinderen die uiterst deskundige en intensieve (medische) zorg nodig hebben, niet differentieert tussen gemeenten en geen complexe relatie kent met ouders.
Het onderzoek vond plaats in 2011.
Lees verder
De positionering van de William Schrikker Pleegzorg in het nieuwe jeugdzorgstelsel, Martin den Hartog (2012)