Strategy & Leadership

Ode aan de boekhouder

26 januari 2015
Beeld: © Nationale Beeldbank
Kent u ze? Personen die er trots op zijn dat zij het beroep van boekhouder vervullen? Ik helaas niet. Wellicht dat deze blog daar ietwat verandering in kan gaan brengen.
 
De functiebenaming boekhouder is in de loop der jaren in onmin geraakt en vaak vervangen door aanduidingen zoals administrateur, financieel medewerker en controller. Deze ontwikkeling duidt op een zekere minachting van boekhouden. Buiten de financiële beroepsgroep is het imago van de boekhouder nog negatiever. Stoffig, te veel aandacht voor details, kortom geen beroep waar de vonken vanaf spatten. Nee, dan kan je maar beter ondernemer zijn. Dat is pas een beroep waarmee welvaart wordt gecreëerd.
 
Toch wordt hiermee de edele kunst van tellen en rekenen zeer onderschat. Jacob Soli1, een hoogleraar accounting in de Verenigde Staten, heeft een prachtig boek geschreven over de geschiedenis van het boekhouden. Op overtuigende wijze legt hij een verband tussen de welvaart van steden, regio's en landen in het verleden en - u raadt het al - hoe serieus er werd omgegaan met de boekhouding. Het waren succesvolle kooplieden, zoals de Italiaan Fransesco Datini, die meer dan zevenhonderd jaar geleden al, als volleerde boekhouders gedisciplineerd dagelijks de boeken bijwerkten.

"dubbel boekhouden is essentieel voor prinsen en leiders" 

Nog voordat de monnik Luca Pacioli in 1494 het dubbele boekhouden te schrift stelde, werd de invloed van uitgaven en inkomsten op het vermogen in de vorm van baten en lasten letterlijk in grote boeken vastgelegd. Het verwaarlozen van de boekhouding had zeer ernstige gevolgen en leidde bijvoorbeeld tot de neergang van het ooit zo welvarende geslacht De Medici in Florence. Ook namen boekhouders in het verleden het voortouw in het inzicht geven in de financiën van landen om het huishoudboekje op orde te brengen. Simon Stevin, de Vlaams-Nederlandse waterbouwkundige-natuurkundige schreef in 1604 in zijn boek Vorstelijke Boekhouding: 'dubbel boekhouden is niet alleen goed voor publieke organisaties: het is essentieel voor prinsen en leiders'.

Dit belang werd in het verleden onderkend. Zo werden er bijvoorbeeld vanaf de Renaissance tot de negentiende eeuw schilderijen van boekhouders gemaakt en bediscussieerden filosofen de complexe, maar oh zo nuttige rol van zuinige, kritische boekhouders. Maar het belang van, en de interesse voor, goed boekhouden lijkt te zijn verdwenen. Het deskundig registreren, verwerken en controleren van de cijfers om uiteindelijk de rekening op te maken lijkt bijzaak geworden.

Zo verbergen bijna alle landen de werkelijke hoogte van pensioenverplichtingen, infrastructuur, belastinginkomsten en garantieverplichtingen. Zij leven niet volgens de regels van het dubbele boekhouden. Ministers van Financiën lossen financiële problemen op door te schuiven met inkomsten en uitgaven van en naar het verleden. Of de beslissing waarde creëert of vernietigt lijkt vaak geen rol te spelen.

Het boek van professor Soli is een ode aan de boekhouder en laat de noodzaak zien van een eerherstel van het nobele boekhoudvak. Eerherstel om te voorkomen dat de toekomstige generaties de rekening alsnog gepresenteerd krijgen, omdat wij de rekening niet goed hebben opgemaakt.

Prof. dr. Arco van de Ven RA Hoogleraar Bestuurlijke Informatievoorziening aan de Tias School for Business and Society van de Universiteit Tilburg. Deze blog is gebaseerd op een eerder verschenen column in het Controllersmagazine.

Jacob Soli, 2014, The Reckoning - Financial accountability and the making and breaking of nations, Londen: Allen Lane.

 

 

 

Reageren
U kunt reageren op bovenstaand artikel. Reacties worden gemodereerd en na goedkeuring geplaatst.