Public Management

Terug naar de bron: Vier dagen public value op Harvard

29 juni 2017

Vier dagen naar de Harvard Kennedy School in Boston in de Verenigde Staten. Dat is de studiereis die onderdeel is van het programma voor Bestuurders in de Publieke en Non-Profitsector (PBNP) van TIAS. Maar waarom Harvard? En wat voegt het toe aan PBNP? Hoogleraren Marc Vermeulen en Theo Camps geven uitleg.

Pakweg twintig jaar geleden kwam TIAS in contact met Mark Moore. Hij is de grote naam achter public value-denken. Vermeulen: ‘Public value-denken heeft een grote meerwaarde ten opzichte van new public management. Na de Tweede Wereldoorlog heeft Nederland een verzorgingsstaat opgebouwd. Die loopt vast in de jaren tachtig van de vorige eeuw vanwege de vele regels en kosten. Privatiseren werd de nieuwe mantra. Denk daarbij aan telecom, maar ook aan het openbaar vervoer. Publieke instellingen moesten geleid worden als een bedrijf, die gedachte heet new public management. In de praktijk leidde het tot een fors aantal knelpunten; het ging immers plots om financiële doelstellingen, om marktdenken. Thuiszorgorganisatie Mea Vita bijvoorbeeld deed allerlei investeringen in het buitenland omdat dat aantrekkelijk is. Tegelijkertijd vergaten ze juist dat ze een thuiszorgorganisatie zijn. En dat gaat ten koste van de dienstverlening. In de bedrijfsvoering zie je dat alles verengd wordt. Denk aan scholen en ziekenhuizen. Die worden heel erg in de lijn gezet van dat ‘het financieel moet kloppen’. Ze willen een zo hoog mogelijke efficiëntie bereiken en dat leidt al snel tot onvrede en ongemak onder leerlingen, patiënten en medewerkers. Die weerstand in combinatie met grote affaires – Vestia-affaire, InHolland-affaire – leidde tot het idee dat dit sturingsmodel niet werkt. In 1994 schreef Mark Moore zijn boek Creating public value, waarin het publieke domein en bedrijfsmatig denken gecombineerd worden. Het vroeg om ruimte voor meer dan uitsluitend financiële waarden. Moore, die verbonden is aan de Harvard Kennedy School, is verder gaan denken.’

Krachtige dialoog

‘Aan de Kennedy School van Harvard zit een groep mensen die veel en goed nagedacht heeft over public value, ofwel waardecreatie in het publieke domein,’ vertelt Theo Camps. ‘En dat levert drie dingen op. Ten eerste hele goede inzichten en goed vertaalbare concepten. Ten tweede brengt het een inzicht in hele verschillende manieren van denken over waardecreatie vanuit Europa en de VS. Het is een vorm van het vergelijken en beoordelen van verschillende inzichten. Dat levert een krachtige dialoog op tussen Rijnlands en Angelsaksisch denken. En ten derde is een week onderdompeling in Boston aan Harvard een lifetime experience voor de deelnemers, zo blijkt achteraf bij iedereen die eraan deelgenomen heeft. Het heeft veel impact; mensen kunnen nog heel lang vooruit met de ervaringen en de inzichten die ze hebben opgedaan. Een week lang onderdeel zijn van een academische omgeving waar je helemaal opgezogen wordt in een wereld van studeren, denken en reflectie, dat is een hele verrijkende en indringende ervaring. Vooral voor bestuurders en topmanagers die al jarenlang gewend zijn om vrijwel de hele dag heel kort-cyclisch bezig te zijn.’

Marc Vermeulen: ‘De naam ‘Kennedy School’ klinkt niet alleen als een democratisch bolwerk, het is een democratisch bolwerk. Daar zit gelijk een inhoudelijk uitwisseling tussen ons beide. Met name de Democraten in de VS zoeken naar modellen om iets van een verzorgingsstaat te maken, waarbij een vorm van samenhang ontstaat tussen staat en markt. Het interessante van het Rijnlandse model dat we hier kennen is dat er naast staat en markt een derde poot bestaat: non-profits. Die doen publieke taken zonder onderdeel van de overheid te zijn. In de VS is dat anders. Daar draait het meer om fundraisers en is er nauwelijks een derde poot. Het is intellectueel uitdagend om te zien hoe het vergaat in een land waar die derde poot ontbreekt.’

Eigen manier

‘Op de Harvard Kennedy School hebben ze een heel eigen manier van werken,’ zegt Camps. ‘Volgens de de Harvard case method. Feitelijk werk je vanuit hele concrete situaties en werk je naar een theoretische analyse toe. Je werkt met teacher cases.’

Vermeulen: ‘Een voorbeeld is die van een slaapstadje in de buurt van Boston. Daar ondervond de lokale bibliotheek dat die door steeds meer pubers bezocht werd. En dat leidde tot conflicten met de vaste bezoekers: oudere mensen die daar graag hun krantje wilden lezen. Waarom gingen die pubers plots massaal naar de bibliotheek? In boeken en lezen bleken ze namelijk niet bovengemiddeld geïnteresseerd te zijn. Wel was er een andere ontwikkeling en dat was dat er op school computers waren gekomen. De jongeren wilden graag computers en die hadden ze in de bibliotheek. Het doel van de bibliotheek was alleen om mensen aan het lezen te krijgen. Vanuit bestuurdersoogpunt gezien ontstaat dan de stelling: wil ik nieuwe mensen aan het lezen krijgen, dan moet ik me aan jonge mensen conformeren. Dat betekent dat ik mijn organisatie moet herinrichten. En dat vroeg op haar beurt om een nieuwe mandaat bij de gemeente om met jongeren aan de slag te mogen gaan en om een nieuwe inrichting van de organisatie, met nieuw personeel met de juiste kennis.’ Zo’n klein voorbeeld blijkt dan heel illustratief te zijn voor de herpositionering waar veel non-profits mee te maken hebben. Je kunt daar met gemak een dag met elkaar over de diepte ingaan. 

Programma voor bestuurders in publieke en non-profitsector  

In het programma voor Bestuurders in de Publieke en Non-Profitsector (PBNP) komen de meest recente wetenschappelijke inzichten op het gebied van strategie, innovatie, leiderschap en governance aan bod. De studiereis naar Harvard is een onderdeel van het programma.

LEES MEER OVER DIT PROGRAMMA

Reageren
U kunt reageren op bovenstaand artikel. Reacties worden gemodereerd en na goedkeuring geplaatst.