Health

EHealth: trage implementatie staat oplossing in de weg

17 oktober 2017
ehealth

Ondanks de hoge prioriteit die eHealth krijgt in de plannen van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en de enorme vlucht die de ontwikkeling van eHealth lijkt te doorgaan, blijft de snelheid van implementatie bij de verwachtingen achter.

EHealth is een uitermate breed begrip waar veel verschillende definities voor bestaan. We kiezen in dit artikel voor ‘het gebruik van nieuwe informatie- en communicatietechnologieën (ICT), met name internettechnologie, om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren’.

De vier verschillende stakeholders: eHealthontwikkelaars, financiers, zorgaanbieders en eindgebruikers hebben ieder hun eigen perspectief op eHealth en de trage implementatie. Zo blijkt vanuit ontwikkelaarsperspectief dat veel eHealthtoepassingen zich in de startupfase bevinden. Daarnaast is de doelgroep voor de toepassingen zeer groot en divers waardoor er ruimte is voor veel verschillende producten en concurrenten. De zorgfinanciers zien op hun beurt de maatschappelijke trend waarin patiënten steeds meer streven naar zorg-zelfmanagement, zodat ze minder afhankelijk zijn van zorg. Dit kan tot aanzienlijke besparingen in de zorgkosten leiden. Vanuit de overheid wordt eHealth gezien als een cruciaal middel voor het stimuleren van zelfmanagement die kan leiden tot efficiëntere en patiëntvriendelijkere zorg. Bij de zorgaanbieders is een groot deel terughoudend als het aankomt op eHealth. Voor een zorgverlener heeft het impact op het dagelijks werk en kan het leiden tot minder patiëntcontact. En eindgebruikers blijken vaak groot belang te hechten aan de traditionele arts-patiëntrelatie. EHealth wordt frequent onpersoonlijk genoemd en ruim een derde van de kwetsbare ouderen/chronisch zieken geeft aan geen behoefte te hebben aan zelfmetingen omdat ze het de taak van de arts achten.

Discrepantie

Vanuit alle stakeholdersperspectieven wordt duidelijk bevestigd dat de implementatie van eHealth langzaam verloopt. Hoewel er een duidelijke discrepantie lijkt te zijn tussen vraag en aanbod van eHealthtoepassingen, is dit verklaarbaar vanuit innovatieperspectief. Aanbod creëert vraag en bij innovaties is de vraag niet altijd leidend bij het ontwikkelingsproces. Focus op co-creatie, een meer vraag gestuurde ontwikkelingsstrategie en structureel marktonderzoek zouden een betere vraag-aanbodafstemming kunnen bewerkstelligen. De verwachting dat eHealth zich exponentieel zal ontwikkelen vereist echter een stevige maatschappelijke inbedding door het stimuleren van wetenschappelijk onderzoek, kwaliteitsnormen en het aanpassen van zorgopleidingen. Een deel van de maatschappij (waaronder de doelgroepen van VWS) zal hier actief bij begeleid moeten worden. Een goede promotie van de (on)mogelijkheden van eHealthtoepassingen door ontwikkelaars, financiers en zorgaanbieders is in deze fase essentieel. Dat betekent niet dat eHealth ook bij een goede promotie automatisch draagvlak zal vinden bij zorgverleners en eindgebruikers.

EHealth bevindt zich in de eerste fase van innovatie, die typisch enkele jaren duurt. In deze start-upfase leunt implementatie sterk op de innovators en early adopters. Deze categorieën - volgens Rogers - vormen respectievelijk 2,5% en 13,5% van de potentiële gebruikersgroep. De gebruikersgroep die noodzakelijk is om implementatie van een innovatie echt te laten slagen, de kritische massa, bestaat uit de early majority, goed voor 34% van het totale potentieel. Deze early majority interesseert zich echter pas voor innovaties tijdens de tweede fase van innovatie, de exponentiële groeifase. Het is maar zeer de vraag of de doelgroep waar het ministerie van VWS zich op richt, chronisch zieken en kwetsbare ouderen, zich als early adopters of zelfs early majority zullen gedragen.

Kwetsbare balans

Er bestaat vanuit de overheid geen structureel systeem voor de bekostiging van eHealth toepassingen. Vanuit ontwikkelaars- en zorgaanbiedersperspectief is dit essentieel om eHealth verder te ontwikkelen en uiteindelijk te implementeren. De kwetsbare balans tussen de hoge ontwikkelkosten en de onzekere opbrengst doet een groot beroep op de ondernemerszin van ontwikkelaars. Vanuit het perspectief van de financiers is er nog onvoldoende inzicht in de kosten en baten om structureel te investeren in een eHealth-initiatief. Daarbij zijn financiers terughoudend met investeringen vanwege het risico op zorgkosten stapeling.

Vanuit elk stakeholdersperspectief bestaan er mogelijkheden om het tempo van implementatie van eHealth te versnellen. Maar gezien vanuit de fase waarin eHealth zich als zorgvernieuwende innovatie bevindt, lijkt er sprake te zijn van een irreëel verwachtingspatroon ten aanzien van implementatie.

Positieve opbrengst

Bij het benoemen van eHealth als speerpunt en het vaststellen van haar doelstellingen door het ministerie van VWS, loopt zij voorbij aan onder meer de onvermijdelijke tijdsduur van een startupfase. EHealth heeft een duidelijke connectie met zelfmanagement. Hierdoor is het niet noodzakelijkerwijs zo dat de zorgverleners of zorgfinanciers professioneel verantwoordelijk zijn voor de implementatie. Aansluitend bij de huidige trend van zelfregie ligt een belangrijk deel van de verantwoordelijkheid bij de patiënt en is co-creatie en actieve promotie essentieel om de implementatie van eHealth te doen slagen. De bestaande verruiming van financiering van zorginnovaties dient uitgebreid en zichtbaar gemaakt te worden richting zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Het inbedden van eHealth in de inkoopstrategie van zorgverzekeraars zal dan vanzelfsprekender worden. EHealth heeft in deze de potentie disruptief te zijn en nieuwe financieringssystemen te forceren. EHealth is een innovatie en indien het ministerie van VWS echt overtuigd is van de positieve opbrengst van eHealth zal zij nog meer drempels moeten wegnemen en ondernemerszin en investeringen moeten stimuleren. Verder onderzoek naar de aard en impact van de onderlinge relaties en beïnvloedingsstromen van de verschillende stakeholders is noodzakelijk om een adequate implementatie van eHealth te bereiken.

Dit artikel is een bijdrage van Paul Berger, Erik Nacken en Frédérique Woltjer, deelnemers aan de Executive Master of Health Administration.

Executive Master of Health Administration

De TIAS Executive Master of Health Administration behandelt actuele thema's in de zorg en voorziet deelnemers van de juiste kennis en vaardigheden om hier strategisch op in te spelen. Met twaalf maanden college ontwikkelt u zich tot modern zorgmanager en strateeg.

LEER MEER OVER DEZE OPLEIDING

Reageren
U kunt reageren op bovenstaand artikel. Reacties worden gemodereerd en na goedkeuring geplaatst.