Strategy, Innovation & Leadership LAB

Meetinstrument voor monitoring organisatieveranderingen

12 mei 2014

In een verandertraject zouden organisaties moeten meten of het gedrag van medewerkers daadwerkelijk verandert. Meetinstrumenten daarvoor zijn nu zelden voorhanden. Omdat er een kloof bestaat tussen academisch ontwikkelde veranderkennis en kennis uit de veranderkundige praktijk, missen wetenschappers praktijkkennis en wordt andersom in de praktijk gebruikte veranderkennis zelden geformaliseerd en getoetst.

Beeld: © Nationale Beeldbank

Dit zei prof. dr. Woody van Olffen in zijn oratie op 9 mei 2014. Hij ging in op hoe hij de kloof tussen academische veranderkunde en praktische veranderkennis zou willen dichten.

Als een wetenschapper met praktijkmensen over veranderkunde praat, is het alsof een chemicus met de kok over erwtensoep praat, zegt Van Olffen. “De chemicus beschrijft de erwtensoep als een mengsel van water, vet, eiwitten en vezels ; hij kent de ingrediënten tot op molecuulniveau. Een recept – laat staan een lekkere soep - is echter iets anders dan een lijstje ingrediënten. Wat dus ontbreekt is een bereidingsinstructie: éérst dit, dan dat, even wachten, dan dát.” De kennis is vaak niet actionable omdat wetenschappers de praktische proceskennis missen om de theorie bruikbaar te maken.

In de technische wetenschap wordt gebruik gemaakt van ontwerpgericht onderzoek. Volgens Van Olffen zou een veranderinterventie ook kunnen worden opgevat als een ‘prototype’ dat iets tot stand moet brengen en dat aan een aantal eisen moet voldoen. Die verwachte werking is dus eerst nog hypothetisch van aard. Pas door het herhaald testen en vergelijken van meerdere prototypes wordt duidelijk hoe het werkt.

Meetinstrumenten

Om adequate veranderinterventies te kunnen ontwikkelen en hun impact te kunnen meten, zijn meetinstrumenten nodig die de verandering op de voet volgen. Deze instrumenten moeten zich richten op gedrag. “Wat gaan we in de nieuwe visie méér doen, wat gaan we níet meer doen en wat gaan we ánders doen? Doen, doen, doen, dus. Wanneer onder elkaar in dialoog echte overeenstemming ontstaat over hoe het oude en nieuwe gedrag er precies uitziet levert dit in potentie een concreet meetpunt op, dat gevolgd kan worden om vast te stellen of de voorgestane verandering daadwerkelijk –in gedrag!- plaatsvindt of niet: je doet het of je doet het (nog) niet.”

Van Olffen werkt samen met collega academici, consultants en gameontwikkelaars aan een instrument – Engager – dat dergelijke gedragsomslagen in organisaties over de tijd kan volgen. De keuze voor het betrekken van game-ontwikkelaars is een bewuste. “Zij zijn als geen ander in staat om door toevoeging van spelelementen de motivatie van deelnemers om te blijven meedoen hoog te houden. Dat is immers cruciaal in langdurig temporeel onderzoek en een veelgehoorde klacht bij eerdere onderzoekers: proefpersonen haken af als er te langdurig en te vaak een beroep op hen wordt gedaan.”

Ook ontwikkelde Van Olffen een model met 4 extreme veranderscenario’s. Daarbij wordt gekeken naar hoe snel het oude gedrag verdwijnt en hoe snel het nieuwe gedrag wordt toegepast. Dit model en de bijbehorende nieuwe meetinstrumenten kunnen helpen om beter te begrijpen langs welke wegen en processen organisatieveranderingen zich van moment tot moment voltrekken.

Lees meer

Verandering op Heterdaad, Woody van Olffen (2014)

Relevante Artikelen